Geen slappe bakjes meer in Leeuwarden

Nog niet eens zo lang geleden bestond er geen koffie zoals we die nu kennen. Wie om koffie vroeg in een café of restaurant, kreeg meestal een witte kop op schotel, zo een die je eindeloos kon stapelen, met een bruinig vocht dat naar niets smaakte. Maar toen kwamen de barista's, ter zake kundige koffiemakers. Nu kun je in Leeuwarden op zo veel plekken goede koffie drinken, dat het nog moeilijk wordt om te kiezen. 

Door André Keikes

Het precieze moment is lastig meer na te gaan, maar ergens aan het eind van de vorige eeuw moet het iemand te veel geworden zijn: altijd maar die slappe bakjes. En daarna is het hard gegaan. Niet alleen in café's en restaurants, maar ook in speciale koffiezaakjes. En bij de bakker. En bij de modewinkel. En in de kerk. En op de markt. En in de boekhandel. En in het ziekenhuis. En op het werk. En op het station. En in de galerie. En bij de kopieerwinkel. En in de supermarkt. Zelfs in de coffeeshop, al is koffie daar bijzaak. Je kunt het je gewoon niet meer voorstellen waar géén koffie wordt aangeboden. Soms betaald, soms gratis, alles voor het welbevinden van klant en bezoeker. Zonder koffie wordt-ie chagrijnig, zo is het idee, dus kun je er als ondernemer maar beter snel bij zijn.

Koffie is niet overal even prima, maar het is goed te verdedigen dat zelfs de slechtste koffie van 2018 nog beter is dan de beste van enkele generaties geleden. Toch waren vorige generaties best tevreden als bijvoorbeeld de echte obers van hotel café restaurant De Bleek op de Bleeklaan, hoek Groningerstraatweg je zo'n bakje voorzetten. Aardige jongens en je had tenminste wat te drinken.

Ook in Amicitia of De Klanderij brouwden ze koffie, in die tijd vaak klaargezet in grote geïsoleerde ketels met een zwart kunststof hendeltje. Kwam er iemand binnen die koffie wenste, dan trok het personeel van dienst even aan het hendeltje. Daar sijpelde dan het vocht uit, dat in die dagen ook wel leut of troost werd genoemd.

Reislust

De ommekeer moet iets te maken hebben gehad met ons aller reislust. In Italië en Frankrijk schonken ze iets heel anders, dat echter wel dezelfde naam droeg. In kleinere of zelfs piepkleine kopjes: espresso. Moeder ging er in het begin wel even vies van kijken, maar daarna was ze de hele dag niet meer stuk te krijgen.

Het duurde nog wel even voor we hier in Friesland zo ver waren, al begon Douwe Egberts in 1753 in Joure al grootschalig koffie te branden. We kwamen de Italiaanse varianten eerst tegen in de Randstad, waar natuurlijk meer Italianen zaten te klagen als ze onze koffie voorgezet kregen. Maar uiteindelijk werd Nederland dan toch een echt koffieland in de betekenis van: betere koffie. Met de Scandinaviërs drinken wij hier nu de meeste koppen per dag. Waarschijnlijk als compensatie voor al dat miezerige weer. Slechts de Finnen en de Zweden kennen een hogere koffieconsumptie dan de Nederlanders, daarna komen de Denen en Duitsers en op plaats zes heb je pas de Italianen.

Ketens

Dat koffie meer kan zijn dan een kopje pittig bruin vocht, werd duidelijk toen hier internationale koffieketens neerstreken met hun eigen koffiezaken, onmiddellijk gevolgd door Nederlandse ondernemingen. Naast de gewone zwarte koffie, kreeg je allerlei latte's, cappuccino en een veelheid aan speciale varianten met de fraaiste namen. En het aardige is, dat barista's een heel scherp idee hebben wat voor koffie in welke streek van het land goed ligt qua brandprofielen en extractietijden, zoals dat in die kringen heet. Het is bijvoorbeeld voorstelbaar dat wij hier wat meer van melk in de koffie houden dan elders, zuivelprovincie als we nog steeds zijn.

Behalve in zaken waar de koffie een echte hoofdrol speelt, zoals het DE café (Ruiterskwartier), Doppio (Wilhelminaplein) en Starbucks (Ubbo Emmiuslaan, bij NHL Stenden), kun je ook steeds beter terecht op meer algemene adressen. Denk aan Barrevoets (Kleine Kerkstraat), Fellini (Wilhelminaplein), Broodhuys (Nieuwestad en Ruiterskwartier), Wouters (Sophialaan), Bagels and Beans (Kelders) of Vittorio (Voorstreek). Bijzonder is de combinatie bloembinderij en lunchroom, zoals bij Rosa Fleur (Schrans). Het is maar een kleine greep en het aantal groeit door. 

Flexibele werkplekken

Sinds kort is onderin het oude IWGL-gebouw, waar dus het vroegere waterleidingbedrijf zat, Grandcafé Z open, onderdeel van de Z-community, die flexibele werkplekken in het centrum (Z = Zaailand) van de stad biedt. Werken met een laptop gaat bijna altijd samen met koffie. Maar je kunt er ook ontbijten, lunchen en dineren. De zaak is veel meer dan de doorstart van Coffee Central, dat eerst samen met de Openbare Bibliotheek in de Beurs zat en daar een eervolle zevende plaats behaalde in de landelijke Misset Koffie Top 100. De ondernemers verkopen daarnaast mobiel koffie vanuit een fraaie oude Citroënbus HY, bekend om zijn 'golfplaatcarrosserie'.

Ook vers is het nog maar pas teruggekeerde café De Bak in de Blokhuispoort, vanaf nu te vinden in de ruimtes van de bijzonder fraai verbouwde Openbare Bibliotheek, die nu dbieb (met kleine letters) heet. Geen gedetineerde zou zich in het verleden ooit hebben kunnen voorstellen dat mensen nog eens graag naar die plek wilden gaan, maar toch is het anno 2018 beslist het geval. In de zomer zelfs met dakterras. Nog meer koffie tussen de boeken vind je bij boekhandel Van der Velde. Tijdens de zomerperiode buiten: in de Slauerhofftuin.

Ongetwijfeld het hoogtepunt van de hedendaagse koffiecultuur in Leeuwarden is de eigen koffiebranderij op de entresol in het grand café van Hotel Post Plaza aan de Tweebaksmarkt. Volgens Post Plaza is een hotel en grand café dat z'n eigen koffiebonen brandt uniek in Europa. Dat proces luistert nauw, maar barista Jesse, die volgens de website verantwoordelijk is voor het proces, weet een constante en heel eigen smaak te garanderen. Hij brandt jaarlijks meer dan 2000 kilo koffiebonen, voor eigen gebruik in restaurant en grand café van Post Plaza, maar ook voor andere hotels en de (web)shop. Wie tijdens Jesses werkzaamheden in de straatjes rond het hotel loopt, kan de pittige geur, die op een aantrekkelijke manier verwijst naar de uiteindelijke koppen Wobbe of Tjipke, zelf waarnemen.

Laatst gewijzigd op 02-03-2018 om 11:28 uur




Meer Fryslân

Cineast Anton Stoelwinder in spoor van pelgrims

Een moderne pelgrim is niet de mens in sobere kleding. Nu gaan honderden pelgrims te voet vanuit Sint Jacobiparochie. Voor herbezinning. Of om afstand te nemen van alle hectiek. Pelgrimeren in Fryslân is het onderwerp voor een film van cineast Anton Stoelwinder. 

Door Marita de Jong

Een vrouw aan het roer, dat is pas stoer

Terwijl Marit Bouwmeester als topzeilster de ene na de andere titel verovert, komen vrouwen er in de gangbare watersport nauwelijks aan te pas. Ga maar eens op een terras aan het water zitten. De man staat altijd stoer aan het roer. Vrouwenemancipatie lijkt aan de watersport grotendeels voorbij te zijn gegaan.

Door André Keikes
 

Het straatje dat zijn gezicht verloor

'Achterom komen' is bij veel woonhuizen in Friesland heel vanzelfsprekend. Zo wordt de achterdeur in de dagelijkse praktijk de voordeur. Maar er zijn ook leuke voorgevels die, eenmaal dichtgemetseld, gedegradeerd worden tot achtergevels. Een tekening uit 1975 laat dat goed zien als je de afgebeelde straat vergelijkt met de huidige situatie.

Door André Keikes
 
 
 
Pagina 1 van 31 | Volgende